Om aan optimaal aan een dienstenstructuur te kunnen deelnemen moeten de volgende zaken geregeld zijn:
2. Het honorarium van de huisarts.
Eerst maar eens de cijfers bij het rapport van buro Hay. De inkomsten voor ANW zouden volgens Hay voor een klein deel in de berekeningsgrondslag van F 153.057,- zitten en verder in een aparte post ANW van F 40.157,- gld. Overdag werken huisartsen 40 uur per week en dat 47 weken per jaar. Dit zijn totaal 1880 uur. Hiervoor geldt de berekeningsgrondslag ofwel 153057 / 1880 = F 81,41 gld per uur overdag.
Het Hay rapport corrigeert eerst de uren en rekent dan het bedrag uit:
Meerwerk:
9 uur per week x factor 1,25 x 47 werkweken = F 528,75
En dit vermenigvuldigt met het uurtarief:
528,75 x 81,41 = F 43.045,- voor het meerwerk volgens Hay
In werkelijkheid zijn er maar 9 x 47 = 423 uur meerwerk!
Het werkelijke uurtarief meerwerk is dan ook 43045 / 423 = F 101,76
ANW:
Hier verschilt de vermenigvuldigingsfactor afhankelijk van het tijdstip.
Conclusie:
Huisartsen hebben volgens Hay recht op 40157,- gld ANW voor
300 uur ANW werk, ofwel 133,86 per uur.
Echter er zit al een bedrag voor ANW in het huidig honorarium. Dit zijn
de twee periodieken inconveniententoeslag. Inconvenient staat voor
onregelmatigheid en derhalve hoort dit bedrag bij werk buiten kantooruren
ofwel meerwerk plus ANW. Totaal was dit bedrag in 1997 F 8000,-
Volgens de LHV in 2000 F 9288,- en volgens het CTG in september 2001
geschat op "ongeveer F 11.000,-"
(Telefonische informatie, het CTG wilde niets hierover op papier zetten).
Dit bedrag staat dus voor 423 uur meerwerk en
300 uur ANW (uit Hay). Ofwel 300 / 723 deel van 11.000, hetgeen
F 4560,- gld is voor ANW en F 6440,- gld voor meerwerk nu.
Dit betekent, dat op dit moment de huisarts voor F 15,20 bruto per
uur de ANW dienst verricht!
De inzet voor het honorarium ANW, op basis van Hay, dient m.i. dan ook te zijn:
40157 – 4560 = F 35.597,- bruto per huisarts (per normpraktijk) per jaar.
3. De kosten van waarneming (eigen praktijk) na een nachtdienst
Recent heb ik in een artikel in "de huisarts" uiteengezet, dat bij waarneming niet onbeperkt uit de hagro-ruif gegeten kan worden. Aan solidariteit zitten financiele en fysieke grenzen. Een onderdeel hiervan betrof de waarneming op de dag na een nachtdienst. Deze post is in Hay niet meegenomen en dat lijkt logisch, immers Hay is een inkomstenrapport en waarneming betreft een kostenpost. De kostenpost "waarneming" is een van de 12 gespecificeerde deelposten in de reguliere kostenvergoeding. Voor alle waarneming zit er nu een bedrag in van F 5549,- gulden per 1 juli 2001.
Hay komt uit op 5 nachtdiensten per jaar, net als CHP Nijmegen en Rotterdam. Dit betekent, dat de huisarts voor 5 dagen waarneming moet regelen, ofwel jaarlijks 45 uur waarneming. We kennen het BUT tarief, welk na 1 augustus 2001 bij normpraktijk F 69,25 per uur bedraagt.
Daarnaast kennen we een free lance LAD uurtarief (categorie II), welke per 1 juli 2001 F 116,- per uur is.
Op jaarbasis zijn de kosten derhalve 45 x 69,25 = F 3116,25 (BUT), dan wel 45 x 116 = F 5220,- gld (LAD).
Als de verzekeraars stellen, dat huisartsen al een waarneemvergoeding
krijgen, dan klopt dat. In mijn artikel kom ik uit op 862 uur waarneembehoefte
per jaar.
Als we hiervoor 5549,- krijgen, dan is dit 5549 / 862 = F 6,43 per uur,
ofwel in de huidige kostenvergoeding zit 45 x 6,43 = F 290,- waarneemvergoeding
voor waarneming na een CHP-nachtdienst.
Het is dus redelijk de onderhandelingen in te gaan voor een waarneemkostenvergoeding van F 3000 tot F 5000,- per huisarts die volwaardig, d.w.z. met nachtdiensten, deelneemt aan een CHP.
Kortom, bij elkaar opgeteld: 35.597 + 4.000:
Dus bijna F 40.000,- per huisarts per jaar.
Dan nog enkele persoonlijke noten.
"Kunt U verkopen, dat U academici met hoogverantwoordelijk werk op incourante tijden voor F 15,20 laat werken?"
Ik vraag me dan ook af of op de korte,dan wel middellange termijn geen aanvullend onderzoek gedaan moet worden naar een echt marktconform ANW tarief, waarbij een de volgende factoren (ook) betrokken dienen te worden:
Mogelijk geeft een aanvullend onderzoek hierna beter zicht op een marktconform uurtarief.
Dieren, december 2001
Anton Maes