Hits:
De chronologie der laatste jaren:
Van actie ... Tot actie
17 januari 2005

PDF versie om uit te printen
deze zal 20/1 op de Jaarbeurs worden uitgedeeld.


Oktober 2000:
Op het Plein in Den Haag
Vele honderden collega's zijn op de 17 oktober 2000 aanwezig. De ME staat klaar, terwijl wij van het Malieveld optrekken. De eieren van een collega worden in beslag genomen.
Enkele kamerleden betreden het podium midden op het Plein, waaronder collega Oudkerk, die opvalt door zijn stilzwijgen (doorgaans niet zijn sterkste kant).

December 2000:
De actie in de RAI
Op 14 december 2000 komen in de RAI in Amsterdam 4500 huisartsen protesteren tegen het financieringsstelsel van de huisartsenzorg. De LHV stelt in die tijd dat voor behoud van kwaliteit, beschikbaarheid en toegankelijkheid van huisartsenzorg in Nederland er een bedrag nodig is van 1,3 miljard NLG exclusief de claim voor het inkomen.
Totale claim excl.inkomen (2000)1,31 miljard NLG = € 594,5 miljoen
Totale claim incl.inkomen (2001)€ 693,5 miljoen

Januari 2001:
Rapport commissie Tabaksblat
Minister Borst benoemt de staatscommissie Tabaksblat, welke commissie op 5 april 2001 haar eindrapport presenteert. Tabaksblat stelt dat de huidige manier van financieren een noodzakelijke modernisering van huisartsenzorg in de weg staat. Volgens Tabaksblat worden de praktijkkosten gescheiden van de inkomsten. Aan de inkomenskant dient een vast deel te komen voor beschikbaarheid en een flexibel deel met "loon naar werken". Op basis van een bedrijfsplan gaan huisartsen met de verzekeraars in onderhandeling. Hierbij wordt de WTG losgelaten. Tabaksblat: "de huisartsenzorg kan makkelijk buiten de invloedsfeer van het CTG. Dat afspraken tussen huisartsen en verzekeraars langs het CTG moeten is onzin. Een hoop geknutsel aan de tarieven en waar praten we eigenlijk over? Een paar procent van de totale kosten".

Anno 2005: niets van terecht gekomen.

Februari 2001:
Hoofdlijnenakkoord
De LHV sluit met ZN een hoofdlijnenakkoord over de praktijkkostenvergoeding. Kort hierna blaast dhr. Wiegel van ZN zonder enig overleg dit akkoord weer op.

ZN komt met een eenzijdige aanvraag voor slechts een gedeeltelijke praktijkkostenvergoeding.

April 2001:
Voorjaarsnota
Minister Borst neemt in de Voorjaarsnota op 28 april 2001 het bedrag van de kostenvergoeding op wat ZN/Wiegel haar heeft ingefluisterd ...

Huisartsen roepen hierop 3 stakingsdagen uit: 2, 3 en 4 mei 2001.

Juni 2001:
Lokale Kosten Component
In juni 2001 zijn over de vergoeding van gemaakte (lokale) meerkosten afspraken gemaakt tussen huisartsen en verzekeraars. Onder de naam van deze lokale kosten component (LKC) is voor deze meerkosten door het CTG een bedrag genoemd van € 95 miljoen per jaar.

Uiteindelijk legt minister de Geus in 2003 de afspraak naast zich neer.
Er is anno 2005 dan ook niets van terecht gekomen.

Juli 2001:
Gedeeltelijke kostencompensatie
Het "resultaat" van de meistaking is een verhoging van de praktijkkostenvergoeding van 35.000 NLG per normpraktijk, wat uiteindelijk 25% van de oorspronkelijke LHV inzet is t.a.v. van de praktijkkostenvergoeding.

Datum van ingang: 1 juli 2001.

Maart 2002:
Staking huisartsen dreigt
Deze keer omdat de vergoeding voor onregelmatige diensten onacceptabel laag is.

De vergoeding wordt aangepast maar nog steeds onvoldoende.

Mei 2002:
Een perspectief voor de eerstelijnszorg
De "Commissie Modernisering Eerstelijn" met LHV,NHG,ZN, NPCF en VWS heeft Prof. T.E.D. van der Grinten als onafhankelijk voorzitter.

De huisartsenzorg is vooralsnog de aangewezen voorziening om de medisch generalistische zorgfuncties in de 1e lijn te coördineren. Expliciet wordt genoemd dat er voor een passende bekostiging van infrastructuur en ondersteuning in 1e lijn gezorgd moet worden. In Medisch Vandaag haalt v.d.Grinten, hoogleraar Beleid & Management Gezondheidszorg uit Rotterdam, hard uit over de 1e lijnszorg: "Het wordt een chaos als er niet snel regie komt. Eerstelijnszorg doolt regieloos rond; de huisarts als samenhangende machtsfactor bestaat niet. Ziekenhuizen, zorgverzekeraars, thuiszorginstellingen zijn georganiseerd en zijn enorme krachtpatsers.

Huisartsen worden in het defensief gedrongen en vermangeld in het systeem"
.

Juli 2002:
Inkomensherijking
Het CTG komt met een voorstel het inkomen van de huisartsen te herijken.
Herijking daginkomen: CTG 15 juli 2002 (V/02/606) (28)€ 72 miljoen
Herijking ANW inkomen: CTG 15 juli 2002 (V/02/606)€ 27 miljoen
Anno 2005 is ook hier niets van terecht gekomen.

Augustus 2002:
Herstructurering Eerstelijn [ZN]
Het ZN-rapport "Visie zorgverzekeraars op Herstructurering Eerstelijnszorg" is het antwoord op de discrepantie tussen gestegen zorgvraag en onvoldoende zorgaanbod. Er wordt in dit rapport geen opmerking gemaakt over de gestegen zorgvraag. Het loslaten van de poortwachterfunctie wordt deels gemotiveerd met de opmerking dat "een derde van de ziekenfondsverzekerden nu ook al zelfverwijzers zijn".

Een stoot onder de gordel is de onbewezen ZN stelling "dat huisartsen de verantwoordelijkheid over zorggarantie steeds gemakkelijker van zich afschuiven en zelf bepalen wanneer zij beschikbaar zijn".

Maart 2003:
Bouwstenen zorg in de buurt
In een verkennende ambtelijke notitie "Rapport Bouwstenen zorg in de buurt", van de ministeries VWS/Financiën wordt gesteld dat de positie van de huisarts "door allerlei veranderingen" tanende is. Doorgaan op dezelfde weg zal slechts een beperkt deel van de knelpunten oplossen. De verzekeraar ziet als knelpunten een te ingewikkeld financieringssysteem, het ontbreken van praktijkplannen bij huisartsen en het ontbreken van een informatiesysteem waar "onomstreden" sturingsinformatie uit is te halen. De overheid, die tot 2030 een toename ziet van 30% in de contacten tussen patiënten en huisartsen, ziet als knelpunten de beschikbaarheid en de betaalbaarheid.

De overheid zet als beleid in op een verhoging van de opleidingscapaciteit, op taakherschikking van verwijsfuncties, op ondersteuning van eerstelijns GGZ en op financiering uit de Regeling Initiatiefruimte Ziekenfondsverzekering (RIZ).

April 2003:
Taskforce Knelpunten Huisartsenzorg
In de eindrapportage van de commissie "Taskforce knelpunten huisartsenzorg" is voorzitter P. van der Velden nog somberder dan van der Grinten. In het Taskforcerapport wordt gezegd dat stuurloosheid en machteloosheid heerst. "De koe bij de horens vatten is in deze sector in hoge mate uit de polder verdwenen. De regie en dus de regisseur, ontbreekt". Er zijn problemen m.b.t. de wet- en regelgeving, er is een sterke stuurloosheid en er is in de hele sector een gering vermogen om te komen tot werkbare oplossingen. Volgens de Taskforce, zijn alle partijen schuldig aan de huidige stand van zaken:
  1. overheid: zolang overheid zelf verzaakt, is het probleem onoplosbaar…
  2. gemeentes zijn meer gericht op het ondersteunen van betaald voetbal….
  3. verzekeraar:zegt zich bewust te zijn van regierol, maar in de praktijk kan "onvoldoende worden vastgesteld dat diezelfde regierol ook daadwerkelijk en effectief door verzekeraar wordt gevoerd"
    Advies van de Taskforce is de verzekeraar verantwoordelijk te maken voor structurele financiering van coördinatietaken op snijvlak 1e-2e lijn. Zet incidentele middelen in voor projectopzet/ondersteuning.
  4. huisarts: neem zelf initiatief, zet "zelf de hand aan de ploeg". Zorg voor een samenwerkingsgerichte attitude, zet in op HOEDvorming, huisvesting, ICT,ondersteuning en taakherschikking.
  5. koepel LHV: expliciteer een visie. LHV is "te afstandelijk en te ingekeerd"
  6. koepel ZN: ZN zegt dat verzekeraars de eerstelijnsfuncties zowel organisatorisch als financieel adequaat kunnen invullen. "Dit verbaast de Taskforce, omdat de praktijk uitwijst dat dit geenszins het geval is"
De Taskforce-commissie stelt dat er wel een gedeelde opvatting is over de aard en omvang van het probleem én een knellende regelgeving. Er is een gebrek aan visie, waardoor regie en sturing onvoldoende scoren. De 1e lijnszorg functioneert hierdoor onder de maat. Financiële en wettelijke kaders knellen, waardoor richting ontbreekt. De verzekeraar vervult regierol niet, investeert niet. Huisartsen kunnen zelf geen beleid maken en de lokale overheid is niet betrokken. Nemen partijen niet hun verantwoordelijkheid, "dan ploft ook deze rapportage als een lekke bal in een zandbak"

Juni 2003:
Voorstel financieringsmodel huisartsenzorg [ZN]
Zorgverzekeraars Nederland. ZN heeft een voorstel gedaan m.b.t. de financiering van huisartsenzorg, dat aan het kabinet zal worden voorgelegd. De hoofdpunten uit dit voorstel zijn een macroneutrale invoering, een volledig verrichtingensysteem tegen nieuwe tarieven, een lokale variabele opslag, de introductie van een praktijkplan, introductie van financiële prikkels om te contracteren, vervallen van inschrijving op naam. Verder wil ZN een betere sturing van het werk door huisartsen door het invoeren van benchmarks en prestatie-indicatoren. De ondersteuningsstructuur gaat van centraal naar decentraal (de zgn. D&O gelden). "De LHV wordt geďnformeerd over het besluit van het financieringsvoorstel, waarbij het van eminent belang is het voorstel op de juiste wijze te promoten. De verwachting van ZN is dat huisartsen negatief over het model worden voorgelicht. Veel belang wordt gehecht aan een publieksvriendelijke versie van het voorstel voor publiek en Tweede Kamer"

September 2003:
Miljoenennota 2004: Prinsjesdag
Het kabinet bezuinigt voor 2004 € 2,3 miljard op de zorgkosten, waarbij er € 1,3 miljard direct voor rekening van de burger komt. Het macro huisartsenbudget is in 2004 € 1534,1 miljoen, wat € 25 miljoen minder is dan het bedrag van € 1559,1 miljoen in 2003. Dit wordt door Minister Hoogervorst een "efficiency" korting genoemd en behelst een bedrag van 1,6% van het macrobudget. Dit betekent per huisarts in 2004 een inkomensachteruitgang van € 3500,- . De minister eist immers ook een bijdrage van de zorgverleners. In de avonduitzending van NOVA weet Minister Hoogervorst nog te melden dat "er voor de huisartsen niets afgaat en er niets bijkomt".

De LHV stelt in een persbericht dat "de overheid zich opnieuw manifesteert als een partner op wie de huisarts niet kan bouwen".

November 2003:
Toekomstbestendige Eerstelijnszorg
In het visiestuk van de minister over de Toekomstbestendige Eerstelijnszorg staat de afspraak binnen het kabinet Balkenende II, dat dat de huidige centrale aanbodsturing vervangen wordt door de gereguleerde marktwerking, "zo snel als verantwoord is". Er is een mismatch vraag en aanbod, maar "de financiële kaders mogen niet overtreden worden". De minister ziet de problemen bij de huisartsen vooral als een organisatievraagstuk en minder als een financieringsvraagstuk. Verzekeraars moeten meer gaan concurreren en gaan onderhandelen over prijs, hoeveelheid en kwaliteit. "dit dwingt de zorgaanbieders alert te zijn op wat zij leveren ,.., patiënten en verzekeraars kunnen immers naar een andere zorgaanbieder gaan ..., en het dwingt zorgaanbieders tot het leveren van voldoende en gevarieerd aanbod.."

De Minister wil een functionele benadering van de eerstelijnszorg,: de zorg wordt wel omschreven, maar niet wié die zorg gaat leveren. Zo kunnen verzekeraars deze functies waar dan ook contracteren. De verzekerde heeft recht op deze zorg, maar de verzekeraar bepaalt wáár deze zorg wordt geleverd. VWS ziet wel het gevaar hiervan, namelijk een versnippering, waarbij aanbieders niet weten wie wat doet. Dit zal de samenwerking in de weg staan. In de nota staat over het poortwachterschap dat "het in de rede ligt dat zorgverzekeraars op lange termijn beoordelen hoe de poortwachterfunctie wordt uitgevoerd. Voor de hele eerstelijnszorg komt een ondersteuningsstructuur die wordt betaald uit de ondersteuningsgelden van huisartsen".

In een nieuwe structuur moeten betere prikkels voor honorering worden ingevoerd. De nieuwe financieringsstructuur moet macrobudgettair neutraal worden ingevoerd.

December 2003:
Behaald resultaat
Van de oorspronkelijke claim in december 2000 (actiedag!) van € 693,5 miljoen is eind 2003 € 423,25 miljoen niet gehaald.

Augustus 2004:
Intentieverklaring Eerstelijnszorg
In de Intentieverklaring Versterking Eerstelijnsgezondheidszorg constateren partijen dat Nederland van oudsher beschikt over een sterke eerstelijnszorg die zich kenmerkt door generalistische zorg, laagdrempeligheid, zorg in de buurt, gericht op mensen in de omgeving, met een ambulant karakter. De eerstelijnszorg dient te worden versterkt om toekomstige uitdagingen aan te gaan, omdat zorgvraag toeneemt en complexer wordt, er capaciteitstekorten dreigen en patiënten hogere eisen stellen aan afstemming, continuďteit, service en diversiteit van het zorgaanbod. Hiervoor is o.a. een systeem nodig van bekostiging dat bovenstaande ontwikkelingen stimuleert.

Partijen stellen eind 2004 een concreet actieprogram op (‘Programma Versterking eerstelijnszorg’) waarin de benodigde stappen en de daarbij behorende verantwoordelijkheden van partijen worden geconcretiseerd. Zij leveren hun bijdrage in een op te richten Landelijk Overleg Versterking Eerstelijnsgezondheidszorg (LOVE).

LHV/NHG ondertekenen de intentieverklaring niet, omdat er met de dreigende no-claim geen garantie is voor een drempelloze toegang tot de huisarts.

Bij de definitieve invulling van de financiering van de nieuwe ondersteuningsstructuur (ROS) voor 2005, blijkt een desinvestering van € 11 miljoen, daar waar juist versterking was beloofd!

September 2004:
Nieuwe Financieringsstructuur Huisartsen
Op 30 september antwoordt het CTG/ZAio de minister met een uitgewerkt voorstel omtrent de nieuwe financieringsstructuur voor huisartsen.

CTG-voorstel kerncijfers: Het CTG stelt in zijn eindrapportage stelt, dat "voor de hoogte van het tarief voor een consult een zo laag mogelijk tarief wordt bepaald, zodat de effecten voor de individuele huisartsen en verzekeraars [en overheid: aanvulling DVH] worden beperkt".

In maart 2004 stelde ZN ook al voor "vooralsnog een relatief laag verrichtingentarief vast te stellen" ...

Oktober 2004:
No-claimregeling
Een meerderheid van de Tweede Kamer vindt dat de no-claimregeling niet mag gelden voor het consulteren van de huisarts. Minister Hoogervorst legt zich morrend bij die wens neer. Huisartsen hadden gedreigd met een boycot van de maatregel.

November 2004:
Twents Actie-initiatief
Huisartsen in Twente starten de eerste protestactie. De dokters zijn woedend over een advies van ZN om de praktijk van huisartsen te vergroten van 2350 naar 3000 patiënten zonder overleg en zonder overeenkomstige financiering.

In een gezamenlijk éénstemmig koor van de sopranen, bassen en tenoren van NPCF, VWS en ZN, worden de acties veroordeeld.

December 2004:
LHV Actie-eisen
De LHV kondigt een nationale actiedag aan en formuleert 12 actie-eisen. De minister zegt hierover, "er zijn bij huisartsen gevoelens van onvrede, maar die waaien wel over".

ZN trekt het voorstel voor praktijkvergroting in. Maar huisartsen zetten de protesten door omdat er van alle afspraken vanaf 2001 nog maar weinig terecht is gekomen en aangekondigde overheidsplannen de huisartsenzorg serieus bedreigen.

Januari 2005:
Landelijke Huisartsen Acties
De acties van huisartsen breiden zich verder over het land uit.

17 januari 2005:
Het is zo langzamerhand mooi genoeg geweest.

Óp naar de Jaarbeurs!



Beste lezer, al donateur van De Vrije Huisarts?