Hits:
Het zorgstelsel en de financiële crisis: Hoe verder?


door Anton Maes, huisarts te Dieren, bestuurslid Stichting de Vrije Huisarts

19 september 2009

Lees ook:
De miljoenennota 2010, Analyse van De Vrije Huisarts (14)


Inleiding

Een van de motieven om per 2006 een nieuw zorgstelsel in te voeren was het argument van blijvende betaalbaarheid van zorg. Zorgkosten vallen in Nederland, samen met de kosten van onderwijs en sociale zekerheid, onder de kosten van de collectieve sector. Nu er met de financiële crisis macro tegenvallende inkomsten zijn, komt Nederland bij gelijke of stijgende collectieve kosten uit op een fors begrotingstekort. Het behoud van betaalbaarheid van zorg is dan voor de komende jaren opnieuw een discussiepunt. Hoe erg is het met de financiële crisis? Met welke aanpassingen houden we de beste garanties wat betreft betaalbaarheid van zorg?

Het zorgstelsel

Per 2006 kwam er voor alle Nederlanders een wettelijk verzekeringsregime voor de curatieve zorg met een aantal specifieke en nieuwe kenmerken.
Tabel I:
Kenmerken Zorgverzekeringswet 2006
Verplichting zich te verzekeren "verzekeringsplicht"
Vrij keuze met betrekking tot de verzekeraar"keuzevrijheid"
Verplichting bij de verzekeraar iedereen voor het basispakket te accepteren"acceptatieplicht"
Oonderlinge concurrentie van zorgaanbieders op grond van prijs en kwaliteit"marktwerking"
De verzekerde beslist zelf over de hoogte van het eigen risico"eigen verantwoordelijkheid"
Een deel van de financiering van de zorgverzekeraar bestaat uit de vereveningsbijdrage uit het zorgverzekeringsfonds"risicosolidariteit"
Toekennen van een zorgtoeslag: een inkomensafhankelijke tegemoetkoming in de kosten van de nominale premie"inkomenssolidariteit"

Vrijwel alle politieke partijen waren in 2003 voorstander van een stelselherziening in de zorg die in de richting van gereguleerde concurrentie zou gaan. Dat wil zeggen, concurrentie tussen verzekeraars en tussen zorgaanbieders, maar wel onder voorwaarden van risicosolidariteit tussen zieken en gezonden. Het Centraal Plan Bureau (CPB) schreef hierover een analyse hoe een dergelijk stelsel vorm te geven(1). Met concurrentie zouden, zo stelt het CPB, de prikkels om efficiënt en klantgericht te werken, toenemen. Het probleem van de “BV Nederland” was dat in de periode tussen 2001 en 2005 kenmerkt zich door ‘exploderende’ kosten in de zorg. (Tabel II). Het moest anders.
Tabel II:
Budgettair Kader Zorg (BKZ), macrokosten Nederland (in € miljard) (2)
199620012005
BKZ27,837,145,9

Overigens blijven de macrokosten ook na de jaren van de Zorgverzekeringswet stijgen (Tabel III), vooral door volumegroei (bevolkingsgroei, vergrijzing, technologische vooruitgang, kwalitatief betere zorg en stijging zorgvraag).
Tabel III
Macrokosten Budgettair Kader Zorg (BKZ) in Nederland, ontwikkeling 2003-2009 (in € miljard en %)
Bruto BKZNetto BKZEigen betalingen(2)
jaarbrutoBruto groeiNettoNetto groeiEigen betalingenGroei eigen betalingen
200344,041,72,3
200444,8+1,8%41,2- 1.2%2,9+26,1%
200545,9+2,5%42,1+ 2,2%4,0+37,9%
200647,6+3,7%43,8+ 4,0%3,9- 2,5%
200750,0+5,0%46,3+ 5,7%3,7-5,1%
200854,3+8,6%51,3+10,8%3,0-18,9%
200958,0+6,8%55,0+ 7,2%3,00,0%

De financiële crisis

De financiële crisis heeft met minder bruto overheidsinkomsten door de tegenvallende economie veel consequenties voor de publieke sector. Bij oplopende werkloosheid zullen de collectieve kosten stijgen. Het gevolg van de crisis is een jaarlijks financieringstekort van 4%-6,7% voor de minister van Financiën, dat oploopt ver boven het toegestane maximum van 3%, zoals vastgelegd in het Stabiliteitspact ter bescherming van de koers van de euro(3) (4). Elk procentpunt begrotingstekort staat voor bijna 6 miljard euro. De betaalbaarheid van de overheidsuitgaven zijn daardoor in het geding(5), dus ook de betaalbaarheid van de zorg. Premieverhogingen en nieuwe bezuinigingen liggen in het verschiet. Een neveneffect van de crisis is dat de opbrengsten van beleggingen voor verzekeraars tegenvallen, waardoor de nominale premies van het basispakket de zorgkosten niet dekken. De verzekeraars lijden ten aanzien van het betalen van kosten van het basispakket met de huidige hoogte van de premies al jaren verlies.
Tabel IV
Macroverlies verzekeraars basispakket(6) per jaar
jaarMacro verlies basispakket (in miljoenen €)Verlies per burger (in miljoenen €)(7)
200656334,75
200750731,29
2008(8)1358,33
200932019,75

Maatregelen

Omdat het snel aantrekken van de economie niet verwacht wordt, kunnen deelnemende partijen in het zorgveld met voorstellen komen om de betaalbaarheid en toegankelijkheid van het stelsel veilig te stellen. In onderstaande een aantal voorstellen met oplossingsrichtingen, maar ook met koerswijzigingen..

  1. Zorglevering moet efficiënt en effectief zijn.
    Met efficiëntie wordt bedoeld dat de zorg geleverd wordt op de kostprijs. Effectiviteit slaat op de mate waarin de producten tot gewenste effecten leiden. Het leveren van zorg kan efficiënt zijn (afgesproken prijs per eenheid product) maar tegelijkertijd ineffectief (bijvoorbeeld bij slechte kwaliteit) In principe moet een organisatie zowel effectief als efficiënt zijn. Niet alles is overigens achter een rekentafel te bepalen. De waarde van de persoon van de zorgaanbieder (arts, verpleegkundige, verzorgende, vrijwilliger) aan het goed leveren van zorg, wordt onderschat.
  2. Er zullen kostprijsberekeningen van zorg moeten komen, niet op te stellen door toezichthouders.
    Inspectie (IGZ) en Zorgautoriteit (NZa) moeten meer samen optreden. Uitspraken over kwaliteitsverbetering moeten voorzien worden van de kostprijs van implementatie en uitvoering. En bij bezuinigingen in de zorg moet door de toezichthouders worden vermeld welke invloed dit heeft op de kwaliteit. Bij een kostprijsberekening hoort ook het inkomen van de zorgaanbieders. Een inkomen dat variabel is en is gekoppeld aan opleiding, verantwoordelijkheid, arbeidsduur, werktijden, ondernemersrisico en te leveren effectieve zorg.
  3. Het is goed als er met benchmarking wordt gewerkt aan ‘best practice’ met hulp van uitkomstindicatoren (Minimale Data Set).
    Maar daaraan vooraf gaan transparantie met inzet van structuurindicatoren. De structuurindicator meet elementen van de voorzieningsstructuur die de zorgverlening mogelijk maken. Het gaat daarbij om infrastructurele aspecten met informatie over organisatie en logistiek (huisvesting, ondersteuning, percentage overhead in organisatie etc) als toets of de omstandigheden (wel) geschikt zijn om de gewenste zorg te leveren.
  4. Zorgverplaatsing naar eerste en nulde lijn.
    In het onderzoek van Starfield(9) bleek dat naarmate een gezondheidszorgsysteem meer georiënteerd was op eerstelijnszorg, de overall uitgaven geringer waren, gezondheidsindicatoren beter en het aantal voorschriften lager. Zij toont dus niet aan dat huisartsen het beter doen dan specialisten. Wel bewijst ze de meerwaarde van een eerstelijns georiënteerd gezondheidszorgsysteem.
  5. Bewuste zorgverplaatsing van de tweede naar de eerste lijn kan vervolgens worden gefaciliteerd door de inkoop van eerstelijnszorg onder gunstigere omstandigheden te laten plaatsvinden.
    Tot 1 januari 2008 mochten ziekenhuizen pas bouwen als zij een vergunning hadden van de overheid, maar vervolgens was de overheid wel verantwoordelijk voor rente en aflossing op de financiering. Verzekeraars waren voor deze vaste kosten van het ziekenhuis niet zelf risicodragend(10). Voor de gebouwen echter waarin huisartsenzorg werd geleverd, waren verzekeraars wel al decennia zelf 100% risicodragend. Nu wil de minister de regels bij zorginkoop tussen 1e en 2e lijn binnen de functionele bekostiging weliswaar gelijk stellen (zorg B-segment/ afschaffing post risicoverevening)(11), maar deze maatregel is bij gewenste zorgverplaatsing van tweede naar eerste lijn niet genoeg. Het stelsel van zorgverevening en het verschil in regelgeving betreffende de risicodragendheid voor verzekeraars bij zorginkoop in de tweede lijn en eerste lijn, heeft al jaren op onverantwoorde wijze de gewenste zorgsubstitutie geblokkeerd. Wat heeft het verevenen van kosten anno 2009 overigens nu nog voor zin als de verzekeraars fuseren waarbij de vier grootste zorgverzekeraars inmiddels meer dan 80 procent van de markt in handen hebben?
  6. Het is niet aan zorgverzekeraars om te bepalen welke geneesmiddelen worden verstrekt en vergoed.
    Ook de voorschrijvende arts dient geen financieel belang te hebben bij de keuze voor een bepaald (goedkoop) middel. De arts moet onafhankelijk, op grond van de medische richtlijnen, kunnen bepalen welk geneesmiddel de patiënt nodig heeft. De richtlijnen geven ruimte voor individuele variaties, afhankelijk van eigenschappen en behoeften van de patiënt. Die ruimte moet er blijven bestaan. Transparantie mag er zijn wie de inkoopvoordelen heeft, hoe groot deze voordelen zijn en hoe deze worden aangewend. Generiek voorschrijven bespaart kosten.
  7. Integratie van eerstelijnszorg en arbozorg ten behoeve van zorg voor werknemers
  8. Wanneer de gewenste zorg wordt geleverd en de kostprijs bekend is, dan zullen de burgers linksom (via het belastingstelsel) of rechtsom (via een premiestelsel) deze kosten moeten betalen.
    Inzicht in de kosten krijgt de burger ook (beter) wanneer deze burger zelf de nota in handen krijgt en deze nota zelf betaalt. Wordt de zorg te duur (gevonden) dan wordt het basispakket versmald en vice versa. De samenstelling van het basispakket wordt overigens bepaald door de Minister. Het is aan de politiek in hoeverre men bij betaling gebruik wil maken van eigen betalingen en risico. De eerstelijnszorg dient laagdrempelig en in de eigen woonbuurt beschikbaar te zijn.
Tabel V
Oplossingsrichtingen en veranderingen ten gunste van de betaalbaarheid van zorg
Individueel maatwerkMaatwerkingMarktwerking
Samenwerking maakt product beterConcurrentie maakt product beter
Alleen medisch noodzaak bepaalt zorgRecht op zorg
bij betalen premie
Wie denkt dat hij gezond is, kijkt nooit TV(12)
Controle is goed, vertrouwen is beterBeroepstrotsVertrouwen is goed, controle is beter
0e lijn1e lijn (Starfield)/LESA2e lijn
LTA’sZiekenhuis: DBC openen
na verwijzing volgens LTA
Ziekenhuis: DBC openen
zelfzorgPreventiefCuratief
kostprijsberekeningOnafhankelijke instantiePrijzen overheid/verzekeraar
IGZ en NZa samenKwaliteit + prijs gekoppeldIGZ en NZa apart
StructuurindicatorenProcesindicatorenUitkomstindicatoren
Aantal onverzekerden:
Nul? ( dd: ?)
Aantal onverzekerden:
171.000 (dd: 010508)
Aantal onverzekerden:
231.000 (dd: 010507)
Onafhankelijke richtlijnenVoorschrijven
volgens de richtlijnen
Voorschrijven
Fusies zorgaanbieders
(met permissie NMa?)
Compensatie machtsongelijkheidFusies verzekeraars (met permissie NMa!)
Integratie eerste lijn en bedrijfsarts
t.b.v. zorg werknemers
Gezamenlijke zorg
voor zieke werknemers
Curatieve zorg en
Arbozorg naar de markt
Burger betaalt de kostenNota naar de burgerVerzekeraar betaalt de kosten

Tot slot

In 2008 zijn de zorgkosten gestegen met 6.2% ten opzichte van 2007(13). De Nederlander betaalt daarmee € 4809,- per persoon per jaar aan zorg. De zorgkosten bedragen daarmee macro 13,3% van het Bruto Binnenland Product. Een verhoogd kosten bewustzijn bij alle partijen geeft beter inzicht in de betaalbaarheid en toegankelijkheid. In een tijd waarin een ieder vraagsturing binnen de zorg propageert, geeft deze opstelling voor de burger een recht en een plicht. De burgers mogen het zorgpakket mede bepalen (recht), maar zullen het ook samen moeten betalen (plicht).

Samenvatting:



Anton Maes is huisarts te Dieren en bestuurslid van de Stichting de Vrije Huisarts
Correspondentieadres: aacmmaes@gmail.com
Belangenverstrengeling: geen





   
Bronnen:
  1. CPB document, zorg voor concurrentie, een analyse van het nieuwe zorgstelsel, nr 28, Den Haag, januari 2003
  2. Ministerie van Financiën, Miljoenennota’s 1996, 2001 en 2003-2009 (groeipercentages zelf uitgerekend)
  3. Kraaijeveld, Kees, Mooie magere jaren, Vrij Nederland, 25 juli 2009, blz 15, gebaseerd op cijfers CBP, “terwijl een tsunami aan schulden nadert, zitten de dienaren van de publieke sector zorgeloos te dutten op het strand. Tijd om wakker te worden”.
  4. Peeperkorn, Marcel, Bos vreest einde Stabiliteitspact, Volkskrant, Economiepagina, 8 juli 2009 (“sinds uitbreken economische crisis kampen bijna alle EU-landen, inclusief Nederland, met een financieringstekort ver boven het toegestane maximum van 3 procent”)
  5. Kam, Flip de, Overheid zakt weg in moeras van schulden, column NRC, 11/12 juli 2009, Economie, blz 16, (Prof. dr. Flip de Kam, emeritus hoogleraar economie van de Publieke Sector aan de Rijksuniversiteit Groningen)
  6. Tamminga, Menno, Basispolis: verlies van half miljard,, NRC Economie, 27 maart 2008: 16.2 miljoen mensen vallen onder de Zorgverzekeringwet, waarbij de overheid de premies betaalt voor de 0-18 jarigen.
  7. Het tekort voor de (overige) premiebetalers zal dus hoger zijn, dan hier vermeld. Een kostendekkende rekenpremie voor basispakket zou volgens het Ministerie van VWS liggen op € 1074,- per persoon per jaar
  8. BS Health Consultancy, onderzoek naar de dynamiek in de zorgverzekeringsmarkt 2009, 4 maart 2009
  9. Professor Barbara Starfield, Video en Video en European Primary Care [pdf]
  10. Ministerie van VWS, risicovereveningssysteem 2009, Z/F-2879801, 26 september 2008
  11. Ministerie van VWS, substitutie van zorg, CZ/FBI 2861735,12 september 2008
  12. Bugel, Peter, Nederlands Tijdschrift Geneeskunde, jubileumnummer 1857-2006
  13. CBS persbericht, Uitgaven aan zorg stijgen met 6,2 procent, PB09-07, 14 mei 2009
  14. de Vrije Huisarts, De miljoenennota 2010: De Nederlandse samenleving heeft behoefte aan duidelijke structuurindicatoren. Zeker als er voor de komende jaren nog meer impopulaire maatregelen genomen moeten worden., 19 september 2009

   




Bent u dit jaar al donateur van De Vrije Huisarts? Wij hebben uw steun nodig.