NZa Projectgroep
Oprichting NZa Projectgroep vond plaats naar aanleiding van de problemen rond het in november door de NZa gestarte kostenonderzoek onder 400 huisartsen. Op de NZa-discussielijst van HuisartsVandaag, waar inmiddels een kleine 100 onderzoeksdeelnemers hun ervaringen uitwisselen, is duidelijk geworden dat het NZa kostenonderzoek niet voldoet aan de noodzakelijke zorgvuldigheidseisen. Gezien de negatieve ervaringen met het voorafgaande NZa pilotonderzoek (zomer 2008) waarbij op de toen reeds gesignaleerde problemen geen adequate aanpassingen plaatsvonden, is besloten te (laten) onderzoeken welke juridische maatregelen tegen het NZa onderzoek genomen kunnen worden. De Projectgroep, bestaande uit inmiddels een twintigtal huisartsen, heeft vervolgens contact gezocht met Leijnse Artz.
Kostenonderzoek legitieme taak NZa
Er bestaat geen discussie bij de Projectgroep over de legitimiteit van het NZa kostenonderzoek als zodanig. Het is zelfs zeer wenselijk en in het belang van de huisartsenzorg dat er een helder beeld bestaat bij overheid en samenleving over de kosten van (gewenste) huisartsenzorg. Waar het de Projectgroep bij het huidige onderzoek om gaat is de kwaliteit van dit onderzoek, zowel inhoudelijk als procedureel. Ondeugdelijk onderzoek leidt tot ondeugdelijke, niet-valide onderzoeksresultaten die derhalve ongeschikt zijn als basis voor het financieringsbeleid huisartsenzorg, van VWS/Nza.
Expertise overheidsonderzoek
Beide advocaten gaven de indruk goed op de hoogte te zijn van de actuele situatie in de zorgsector, waaronder de positie en de rol van de NZa. Mr. Rense gaf aan betrokken te zijn geweest bij het recente NZa onderzoek naar de inkomsten/kosten van apotheken. Ook toen was sprake van enige discussie met de NZa over opzet, omvang en inhoud van haar onderzoek. Deze discussie heeft ook geleid tot aanpassingen. De mogelijkheid om met succes tot aanpassingen in het NZa kostenonderzoek te komen, lijkt ook voor de huisartsen aanwezig.
Inhoudelijke en procedurele bezwaren
De Projectgroep maakte aan de hand van de verzamelde documentatie die de laatste weken door huisartsen/deelnemers is aangeleverd, duidelijk waar het onderzoek inhoudelijk en procedureel als ondeugdelijk wordt ervaren.
Samengevat:
De details van genoemde zaken heeft de Projectgroep in dossier aan de advocaten aangeboden.
Aanpassing onderzoek en einddatum
Er lijkt juridisch voldoende grond te zijn voor vraagtekens bij en aanvullingen op het onderzoek, zoals het nu voorligt. Als eerste stap is een uitnodiging aan de NZa om te komen tot een beter kosten/inkomstenonderzoek dan ook goed mogelijk. Daarbij is een zorgvuldige(r) afstemming van opzet en inhoud van het onderzoek, met vertegenwoordigers van de beroepsgroep, zeer gewenst. Een van de consequenties kan zijn dat de einddatum van het onderzoek wordt verschoven.
Succes afhankelijk van bewuste inzet huisartsen
De Projectgroep beoogt met het aanvechten van dit onderzoek, (ook) een scherper bewustzijn onder de beroepsgroep te bereiken, over de wijze waarop de NZa onderzoeksgegevens hanteert.
Bij velen in de beroepsgroep bestaat de gedachte dat door de NZa objectief de werkelijke kosten worden geanalyseerd.
Dat vervolgens daarbij de noodzakelijke financiering wordt bepaald. In vergelijkbare onderzoekingen was de volgorde van besluitvorming echter net andersom: eerst het financieringsbeleid cq. de beoogde bezuinigingen, daarna het verzamelen van die gegevens die het uitgestippelde NZa-beleid konden ondersteunen. Deze vorm van omgaan met cijfers en gegevens, verklaart veel van de problemen die de deelnemers ervaren met dit kostenonderzoek.
Eén van de advocaten onderstreept dat het belangrijk is dat al direct deugdelijke resultaten worden verkregen ter ondersteuning van beleid, in plaats van bestrijding van beleid gebaseerd op ondeugdelijke resultaten achteraf.
Juridische stappen
Mr. Leijnse gaf een helder overzicht over de inhoud, de mogelijkheden en de strategie m.b.t. te volgen juridische stappen. Hij wees op het belang van een zo ruim mogelijke adhesie onder de huisartsen die betrokken zijn bij het NZa onderzoek. De vraag is op welke wijze LHV (indien daartoe bereid) de zaak mee kan ondersteunen, zeker gezien haar eigen kritische analyse van de oorspronkelijke opzet van het NZa onderzoek, maar waarmee de NZa niets gedaan lijkt te hebben.
Het voorstel is dat het advocatenkantoor namens deze "kritische" huisartsen eerst de NZa aanschrijft over de problemen rond het voorliggende onderzoek. Hoe meer huisartsen daarbij betrokken zijn, des te effectiever de resultaten. Indien het om slechts een geringe afvaardiging gaat is de kans groter dat de NZa zoiets naast zich neerlegt.
Afspraken worden gemaakt over de verdere voorgang van het juridische parcours.
Willem van der Linden
Hans Nobel
Bent u dit jaar al donateur van De Vrije Huisarts? Wij hebben uw steun nodig.