Hoe de minister van VWS de bijl hanteert,
ter ‘versterking van de huisartsgeneeskundige zorg’
Minister Klink heeft zijn beleid rond de financiering van de huisartsgeneeskundige basiszorg en de chronische ketenzorg, verder uitgewerkt in een brief aan de LHV dd. 12 oktober 2009.
De vraag is wat deze uitwerking betekent voor de huisarts. Het is een ambtelijk stuk, lastig te lezen.
Hier onder worden in heldere taal, de implicaties van Klink’s beleid uiteen gezet.
bij punt 19:
Kernwaarden huisartsgeneeskunde
Huisartsgeneeskunde is de eerste toegang van de gezondheidszorg en heeft te maken met alle klachten, problemen en vragen over gezondheid en ziekte die de patiënt naar voren brengt.
De kern van de huisartsgeneeskunde betreft inventarisatie van de hulpvraag, diagnostiek, advies, behandeling, begeleiding, preventie en verwijzing van de patiënt, met inachtneming van de persoonlijke achtergrond van de patiënt. huisartsgeneeskunde is dus generalistische en integrale medische zorg in de buurt van patiënten. Deze zorg is persoonsgericht en geplaatst in de context van de specifieke leefomstandigheden van patiënten en is continu (dag en nacht en van wieg tot graf) beschikbaar Huisartsgeneeskundige zorg is daarmee niet het louter diagnosticeren en behandelen van medische klachten en aandoeningen van patiënten, maar een geïntegreerd proces van zorgverlening gedurende langere perioden van het leven van patiënten.
Inschrijving op naam is hierbij een cruciale randvoorwaarde. Bij het loslaten van de inschrijving op naam gaat voor de patiënt de samenhang en continuïteit van zorg verloren die de huisarts als medisch verantwoordelijke voor het dossier van de patiënt hem biedt.
Bent u dit jaar al donateur van De Vrije Huisarts? Wij hebben uw steun nodig.